In Vega curry van Nahid Hassan leren we de Bengaalse (= Bangladash) keuken kennen. Nahid heeft, samen met zijn broer, een reeks Indiase en Bengaalse eetcafés in Stockholm en kent het klappen van de zweep. Ze serveren uitsluitend de authentieke Indiase en Bengaalse gerechten. In zijn nieuwste zaak zijn het uitsluitend gerechten uit Bangladesh. Omdat de landen zo dicht bij elkaar liggen zou je denken dat de keukens wellicht hetzelfde zijn. In het begin van het boek legt Nahid uit dat dat niet zo is. Weliswaar kent men veel dezelfde specerijen maar in Bangladesh wordt veel minder zuivel en suiker gebruikt. In de hoofdstad Dhaka kookt vrijwel niemand zelf. Iedereen laat eten thuisbezorgen of gaat uit eten. Alleen buiten de stad wordt nog zelf gekookt. Op die manier krijg je wel een bijzondere eetcultuur.

Verder eet men in Bangladesh veel groenten en daar wordt ook alles van gegeten. Stelen, schillen en blad worden op verschillende manieren allemaal gebruikt. De Indiase en Bengaalse keuken hebben wel gemeen dat ze allebei even pittig zijn. Maar dat kun je bij het maken van een curry natuurlijk zelf aanpassen. Alvorens we een overzicht krijgen van wat je in de voorraadkast moet hebben lezen we eerst van alles over de samenstelling van een maaltijd. Leuk en interessant om te lezen. In de lange lijst ingrediënten die we gaan gebruiken in de recepten valt op dat er, op een enkel ingrediënt na, vrijwel niets onbekends is. Alles is goed verkrijgbaar en wellicht zelfs allemaal bij de supermarkt. Alhoewel de kwaliteit van kruiden daar niet altijd even optimaal is. Dus heb je een speciaalzaak in de buurt kies dan zeker voor betere kwaliteit. Denk daarbij ook aan online shops. Op de cover van het boek en in de omschrijving wordt steevast gesproken over Indiase recepten. Maar Nahid Hassan heeft wel degelijk de bedoeling gehad om de nadruk te leggen op de keuken uit zijn geboorteland Bangladesh.

En dan gaan we koken. Welke hoofdstukken komen er voorbij? Je kunt de lijst zien in het inkijkexemplaar. We beginnen met zelf specerijenmengsels, -pasta’s, chutneys en sauzen te maken. Gemberpasta (zo simpel), garam masala, mangochutney of raita (een klassieke en multi-inzetbare yoghurtsaus) zijn allemaal heel goed zelf te maken. Sommige gerechten hebben een lange lijst met ingrediënten maar dat maakt nog niet dat het ingewikkeld is. Soms zijn er gerechten met slechts 3 of 4 ingrediënten. Curry’s zoals we die kennen uit de Indiase keuken zien we niet veel. Het zijn meer schotels met veel groenten en specifieke kruiden.

Soms zie je iets vreemds. In Shanti’s dhalsoep, een heerlijke kruidige soep met rode linzen en gebakken groenten, worden ‘grillkruiden’ gebruikt.  Ook in een paar andere gerechten komen deze ‘grillkruiden’ terug. En eigenlijk heb ik geen idee wat grillkruiden zijn. Maar ik vermoed dat je zelf kunt kiezen wat je daarvoor in de plaats neemt. Bij ons kan courgette nog weleens een wat saaie groente zijn. Daar maakt Vega curry voor altijd een eind aan. Een overheerlijke en simpel te maken curgettevadji (roerbakschotel) zal vaak op tafel komen.
De Bengaalse keuken is geen moeilijke keuken maar het is wel heel handig om alle ingrediënten die je nodig hebt vooraf klaar te zetten. Als je dat doet dan staan de meeste schotels zo op tafel en is een gerecht maken uit dit boek lang niet zo arbeidsintensief als het lijkt.

Er staan mooie smulfoto’s in en ook foto’s van het land en de inwoners. De hardcoverkaft van dit boek is een centimeter groter dan het boek zelf. Dat geeft een leuk effect.  Wie groenten eens op een heel andere wijze wil klaarmaken vindt in Vega curry meer dan genoeg inspiratie.

Bekijk op bol.com

Vega curry – Nahid Hassan – Becht – ISBN 9789023016120 – €19,99